Leerlingen verdienen goede leerkrachten en uitdagend onderwijs

Vaak wordt er gepraat en geschreven over het onderwijs, maar wordt er ook geluisterd naar de leerlingen?
Deze keer een gastblog van Klaas Kooistra, leerling VWO 6. Klaas schrijft over de tekortkomingen in het onderwijs. Dit doet hij aan de hand van een serie praktijkverhalen over het onderwijs genaamd: “Het onderwijs is verziekt, wat kunnen wij eraan doen?”. In de rubriek “aan het woord” bespreekt hij de hoofdpunten van deze serie die hij over dit onderwerp heeft geschreven. Wil je meer voorbeelden en verbeterpunten? Bezoek dan zijn eigen weblog waar hij naast het onderwijs ook columns schrijft over de actualiteiten.

Lees verder

Beren op de weg? Volg je hart, gebruik je hoofd!

In deze gastblog schrijft Directeur van Buiten, Anneke van Ooijen, werkzaam als Directeur Salto basisschool De Driesprong in Eindhoven, een prachtig persoonlijk verhaal over beren op de weg. Met trots presenteer ik deze gastblog: “Volg je hart, gebruik je hoofd! Directeur zijn is geen kunst(je)“.

Lees verder

De overblijfmoeders

Back2School staat ook open voor gastbloggers. Mensen, vanuit onderwijs sector (leerkrachten, beleidsmakers, adviseurs, innovators……..) die hun verhaal kunnen houden over de onderwijs praktijk. Ik stel ze enkele vragen en hun antwoorden worden gepubliceerd in de rubriek “Aan het woord…..”.

Ik heb Anneke van Ooijen leren kennen bij de opleiding “Directeur van Buiten”. Anneke werkt als waarnemend directeur op een basisschool in Noordbrabant. Haar school staat in een krachtwijk en valt onder de categorie “zwarte school”. De school zit in een Spilcentrum. In deze gastblog schrijft Anneke een verhaal uit de praktijk. Anneke is in 2002 als zij-instromer in het onderwijs terecht gekomen. Daarvoor had zij een leidinggevende functie in de verslavingszorg. Na enkele jaren voor de klas Anneke heeft Anneke toch weer voor het leiding geven gekozen.

Vanmorgen om 9.30 staat de conciërge in mijn kantoor. “Anneke, je moet maar even naar boven gaan. Het loopt boven totaal uit de hand.” “Boven” wil zeggen het lokaal waar de overblijfmoeders een cursus volgen.

Als ik de trap oploop, hoor ik de boze stemmen al. Vier moeders staan op de gang. “Ze kan kapot vallen,” schreeuwt een van de moeders. “Degenen die hier niets mee te maken hebben, kunnen terug de klas in of naar buiten gaan. De anderen kunnen op mijn kantoor komen uitleggen wat er aan de hand is, maar er wordt hier niet geschreeuwd en gescholden in de gang,” zeg ik rustig. Twee moeders besluiten om terug de klas in te gaan. De andere twee zijn zo boos dat ze weer beginnen te schreeuwen: “Ja maar, da wijf is hartstikke gek en zij hèt niet tege mij te zeggen da…” enzovoort, enzovoort. Ik zeg nog een keer heel stellig: “Of eruit of op mijn kantoor, aan jullie de keuze. Nogmaals, er zitten hier kinderen in de klassen en ik accepteer het niet als jullie hier staan te schreeuwen en te schelden, dus…” De dames besluiten om even naar buiten te gaan. Ze moeten even roken, letterlijk en figuurlijk stoom afblazen.

Na vijf minuten komen ze mijn kantoor binnen. Vol verwijten naar de docent en heel boos op een overblijfmoeder van een andere school die ook bij de cursus aanwezig was. De docent was die ochtend al chagrijnig binnengekomen. Ze had niet eens goedemorgen gezegd en hoe ze keek! Ze hadden heus wel gezien dat deze dame op hun neer keek. Bah, typisch weer zo’n dame die d’r vooroordeel al weer klaar had over mensen van het kamp. Nou, als zij geen respect had voor hun, hadden zij ook geen respect voor haar! Vervolgens had de lerares ook nog gezegd dat de moeders van deze school haar les vorige week niet serieus hadden genomen! Tjonge, je mag toch zeker wel lachen? En dan d’r bij, die anderen hadden ook mee gelachen, dus er werd weer eens onderscheid gemaakt. Toen had ze ook nog gezegd dat een van de moeders met papiertjes had gegooid. Nou, dat was al helemaal niet waar en als zo’n mens dan ook nog begint te liegen… Vervolgens bemoeide die moeder van die andere school zich er tegenaan en dat ging toch echt te ver. Die hadden ze eens flink de waarheid verteld. En toen had die docent gezegd dat ze moest gaan. Nou, die hadden ze dus ook nog maar eens flink de waarheid gezegd! Als die docent hun iets wilde zeggen, dan moest ze hun maar even apart nemen en het niet zeggen voor de hele groep. En wat ik er nu van vind?

Ik zeg ze dat het misschien wel klopt wat ze zien, maar dat de manier waarop ze er op reageren niet goed is. Ik leg ze nogmaals heel duidelijk uit dat schreeuwen en schelden in de school geen pas geeft, niet voor een ouder, maar zeker niet voor een overblijfouder! “Als het nog een keer gebeurt, wil ik je niet meer hier als overblijfmoeder”. Dat snappen ze. De zakdoeken komen tevoorschijn, ze moeten toch even huilen over zoveel onrechtvaardigheid. Ik spreek met ze af dat ze, als de docent er mee akkoord gaat, terug de les in kunnen en dat we daarna samen gaan praten. Dat vinden ze goed. “Maar je biedt wel eerst je excuus aan,” is mijn eis, “en je houdt het netjes.” Ze stemmen in.

Na de les heb ik een gesprek met de docent en de twee moeders. De moeders bieden keurig hun excuus aan. Daarna doet de docent haar verhaal. Ze had de les vorige week lastig gevonden: er was weinig orde en ze had er niets van durven zeggen. Het had haar de hele week beziggehouden en na overleg met collega-docenten was ze vanmorgen met lood in haar schoenen naar de les gegaan, bang als ze was om alsnog met haar kritiek te komen. Door al die angst was het allemaal nogal bits en stellig overgekomen. Het was absoluut niet haar bedoeling om onderscheid te maken en ze keek al helemaal niet neer op de moeders.
De moeders vertellen dat ze wel meer cursussen hebben gevolgd en dat er wel vaker wordt gelachen. Ze weten ook wel dat ze soms te ver gaan, maar dat kan die mevrouw dan toch gewoon zeggen! Gewoon, hun even apart nemen, niet voor een hele groep! Dat doe je met kinderen toch ook niet!
“Denken jullie dat we weer verder kunnen met elkaar?” vraagt de docent na afloop enigszins bibberend.
“Natuurlijk, het is nou toch uitgepraat?” reageren de moeders.

Volgende week gaan ze weer gewoon naar de les. Ze hebben beloofd dat ze zich zullen gedragen. Lachend lopen ze even later het schoolplein op. De docent geef ik nog maar even een kopje koffie. Ik hoop niet dat ze volgende week ziek is.