Learning Communities voor het communicatievak?

Eind jaren negentig was ik werkzaam bij Unilever binnen de Knowledge Mapping & Structuring Unit. Ik was verantwoordelijk voor het opzetten van het Knowledge Management Information Centre, een informatiecentrum en een community om de Knowledge Managers binnen Unilever te verbinden en te faciliteren. In deze periode heb ik veel praktijkervaring opgedaan met het opzetten en implementeren van verschillende interne Community of Practices. Binnen Unilever werd de volgende definitie gehanteerd: “A Community of Practice is a type of network of people who are involved in the common application of a skill and building capabilities over a longer term.”

In onderwijsland spreekt men over learning communities, maar wat bedoelen ze hier eigenlijk mee? In dit artikel gaan we samen zoeken naar de verbinding van onderwijs en de praktijk in de netwerkmaatschappij.

Veranderingen maatschappij en het communicatievak

“Onze samenleving is in een overgangsfase en bevindt zich op een kantelpunt. We gaan daarbij van een verticale, centrale en verzuilde samenleving naar een horizontale, decentrale netwerksamenleving. In deze kantelperiode worden oude systemen afgebroken en nieuwe opgebouwd. Oude waarden verdwijnen en nieuwe waarden ontstaan.” (Rotmans, 2012)

Deze veranderingen hebben een grote impact op organisaties, onderwijs en het communicatievak. Een netwerksamenleving die bestaat uit netwerken die elkaar overlappen, elkaar uitsluiten en voortdurend veranderen. Netwerken die niet van bovenaf zijn opgelegd maar organisch worden gevormd. In deze netwerksamenleving gaat het om samenwerken, co-creatie en kennisdeling om te kunnen reageren op de steeds veranderende wensen en behoeften van klanten (Koster, 2009). Volgens de Witte (2017) kunnen organisaties niet voortbestaan zonder goede en andere vormen van communicatie. Het communicatievak is zich door deze ontwikkelingen ook in een rap tempo aan het verbreden en verdiepen. Volgens Ruler (2016) is de organisatie niet meer degene die boodschappen uitzendt, maar ontwikkelt de organisatie zich tot een communicatieve organisatie met medewerkers die het gesprek kunnen aangaan met elkaar en met hun stakeholders. De huidige complexe communicatie vraagstukken kunnen niet door een communicatieafdeling opgelost worden. Communicatieafdelingen gaan binnen organisaties een meer strategische rol in nemen waarbij gebruik moet worden gemaakt van een professioneel netwerk van mensen vanuit verschillende disciplines en expertisegebieden. Het werk van de communicatieprofessional is op vele fronten enorm aan het veranderen (LOCO Eindkwalificaties, 2017). Voor communicatieprofessionals is het meer dan ooit van belang om bij te blijven binnen hun vakgebied (ANP, 2017). Kennis als grondhouding wordt steeds belangrijker: mensen moeten in staat zijn snel nieuwe kennis op te nemen en productief te maken (WRR, 2013). Het ontwikkelen van nieuwe kennis en ideeën én deze te vertalen in producten, diensten, processen, oplossingen kan een belangrijke opbrengst zijn van een professioneel netwerk. Het is voor de communicatieprofessional van belang om deel te nemen aan professionele netwerken waar kennis en ervaring gedeeld wordt met vakgenoten uit andere organisaties en ideeën en opvattingen getoetst kunnen worden.

Hogescholen kunnen een bijdrage leveren aan de vernieuwing van de beroepspraktijk. Ze leiden studenten op tot vakbekwame professionals met een kritische houding (Vereniging Hogescholen, 2018). Daarnaast is interactie tussen hogescholen en organisaties in de netwerksamenleving van belang door o.a. het creëren van ontmoetingsplaatsen tussen de werelden van onderzoek, onderwijs en (maatschappelijke) organisaties. Nieuwe vormen van samenwerkingen tussen bedrijfsleven en onderwijs zijn aan het ontstaan (British Council, 2017). Voor de topsectoren staan ook learning communities centraal. In deze communities werken bedrijfsleven, onderwijs, overheid en andere profit en non-profit organisaties samen aan leren, werken en innoveren (Vereniging Hogescholen, 2017).

“Learning Communities vestigen onze aandacht op drie vormen van leren en hun samenspel: de proactieve vorm waarbij het gaat om het creëren van nieuwe kennis voor nieuwe uitdagingen, en de voorwaardelijke en reactieve vormen, die zorgen voor instroom van werknemers en up-to-date kennis. Het geeft aan dat we buiten onze eigen muren moeten kijken om de juiste partners te vinden, om samen te verder te leren. Learning Communities staan aan de basis van een leven lang ontwikkelen.” (Camps, Economische Zaken)

Het communicatiewerkveld is in beweging en vanuit een breder perspectief worden learning communities gezien als een belangrijk middel voor innovatie en leven lang leren. Maar hoe wordt dit gezien vanuit hogescholen?

Communities

Learning communities zijn niet nieuw. Schroeder & Mable (1994) spreken over informeel leren in subgroepen van studenten. Studenten uit verschillende opleidingen die met elkaar co-curriculaire ervaringen opdoen. Lenning (1999) identificeert twee belangrijke dimensies van learning communities: lidmaatschap en de wijze van interactie met elkaar (fysiek/virtueel). Vier categorieën learning communities voor studenten heeft Lenning (1999) geïdentificeerd: curricular (binnen het curriculum of meerdere jaren), classroom (binnen een klas), residential (buiten de school) en student-type (voor speciale groepen studenten, bv. vrouwen in techniek). Een uitgebreide literatuurstudie van Stoll (2006) laat zien dat er in feite geen eenduidige definitie is voor een learning community. Wenger en Lave (1991) ontwikkelden de leertheorie ‘situated learning’ waarbij leren wordt gezien als een proces van sociale participatie, verbondenheid met een community door specifieke normen en waarden, kennis en ervaring en gedrag. In het Nederlandse onderwijs spreekt Verbiest (2002) over professionele leergemeenschappen (PLG). Verbiest en Timmerman (2008) onderscheiden in een PLG drie fundamentele, elkaar wederzijds beïnvloedende capaciteiten: persoonlijke capaciteit van de individuele docent (actief, kritisch, gebruikt wetenschappelijke inzichten), de interpersoonlijke capaciteit van een collectief (gedeelde waarden en visie op leren, collectief leren) en de organisatorische capaciteit van de school (ondersteunend). In de jaren negentig wordt er in werksituatie niet gesproken over een learning community maar over een community of practice (Wenger, 1998).

Wenger zegt:

“ Communities of practice are groups of people who share a concern or a passion for something they do and learn how to do it better as they interact regularly.”

Medewerkers hadden relatief weinig mogelijkheden om te leren via formele wegen waardoor communities of practice werden gezien als oplossing voor organisaties (van Rhee, 2006). Mede door de komst van het internet werden communities of practice in het bedrijfsleven verder doorontwikkeld. In feite vonden activiteiten en handelingen, zoals communities vooral plaats binnen één systeem, onderwijs of het werksysteem (Engestrőm). Elk systeem heeft zijn eigen doelen, werkwijzen, middelen en community waardoor systemen (werkveld en onderwijs) van elkaar verschillen. Juist in een netwerksamenleving is het belangrijk dat de aansluiting tussen onderwijs en de beroepspraktijk goed is. Bakker (2016) spreekt over boundary crossing waarbij meerdere activiteitensystemen een manier vinden om samen aan een gedeeld probleem of doel samen te werken. Samen in co-creatie verzorgen van leerinhoud, onderwijs herkennen als belangrijke en evenwichtige partner en kennisdeling en verspreiding tussen organisaties faciliteren voor de hele sector worden gezien als vormen van samenwerken (Topsectoren, 2017).

engstrom

Fig. 1: Boundary Crossing volgens Engestrőm

Volgens Engestrőm (2001) is grensoverstijgende samenwerking een proces met veel leer-en ontwikkelpotentieel voor beide systemen. Hiermee komen de termen communities of practice (vooral gebruikt in het bedrijfsleven) en learning communities (vooral gebruikt in het onderwijs) dichter bij elkaar te liggen. Uitgaande van Boundary Crossing (Engestrőm, 2001) hebben Learning Communities kenmerken van beide systemen.

Tabel 1: Definities communities

Schermafbeelding 2019-04-30 om 13.31.25

Samenwerking tussen bedrijfsleven en onderwijs verloopt relatief moeizaam (Vereniging Hogescholen, 2017). Toren (2015) en Gielen (2017) onderscheiden zeven knelpunten: open innovatiesysteem ontoegankelijk voor alle partners, fysieke afstand tussen partners met als gevolg dat persoonlijk contact beperkt is, gebrek aan organisatiekracht aan bedrijfsleven (met name kleine organisaties), ontwikkelen van gezamenlijke waardestrategie is moeizaam proces door verschillende belangen, gelijkwaardigheid tussen partners kan verstoord worden door wisselende rollen, cultuurverschillen tussen partners uit bedrijfsleven en onderwijs.

In de publicatie vierluik Learning Communities 2018-2022 (Topsectoren, 2017) worden de volgende succesfactoren onderscheiden voor Learning Communities: gedeeld eigenaarschap op concept, inrichting en inbedding van leerprocessen bedrijfsleven, aansluiting/versterking van regionale economische en/of maatschappelijke netwerken, hybride leervormen als uitgangspunt, fysieke omgevingen, expertisenetwerken (open, laagdrempelig en toegankelijk), mentoren die een open leerhouding stimuleren.

Conclusie

“Learning Communities staan aan de basis van een leven lang leren” zegt Maarten Camps, secretaris-generaal van Economische Zaken. Het bedrijfsleven en het onderwijs zijn aan het experimenteren met learning communities. Het probleem is dat er vaak geen beleid is voor communityvorming en er niet gestructureerd aan gewerkt wordt. Het gevolg hiervan kan zijn dat studenten zich mogelijk moeilijker kunnen handhaven in de netwerksamenleving omdat ze weinig ervaring hebben met werken in professionele netwerken. Het is daarom van groot belang dat de opleidingen structureel learning communities gaan oppakken. Vanuit de theorie van Engestrőm (2001) blijkt dat grensoverstijgende samenwerking een proces met veel leer-en ontwikkelpotentieel voor zowel het onderwijssysteem (O) als het werksysteem (W) is. Een belangrijke stap naar nieuwe samenwerkingen tussen bedrijven en de opleidingen is dat in plaats van dat onderwijs of bedrijven de regie voeren, zij samen met alle mogelijke partijen de regie voeren en streven naar meervoudige waardecreatie (Jonker, 2014).

Op basis van de theorie van Engestrőm (2001) zou ik een learning community als volgt definiëren:

“Een learning community is een groep van studenten, docenten (onderwijssysteem) en professionals uit het werkveld (werksysteem) die gezamenlijk werken aan het oplossen van een gemeenschappelijke onderzoeksvraag of een gemeenschappelijk probleem (shared object).”

De belangrijkste gevonden ontwerpcriteria voor het ontwerpen van een learning community zijn: open dialoog op basis van gelijkwaardigheid, gedeeld eigenaarschap met een gezamenlijk visie, doel gericht op een duurzame samenwerking, gemeenschappelijke verantwoordelijkheid, lidmaatschap en profielen, verschillende niveaus van participatie, een veilige omgeving, focus op waarde en inhoud, regelmatige online/offline ontmoetingen, toegang tot alle informatiebronnen, opbrengsten zichtbaar maken. Factoren waar opleidingen invloed op hebben en een rol spelen bij het ontwerpen van de learning community zijn: frequentie persoonlijk contact, gezamenlijke belangen en waardestrategie, gelijkwaardigheid partners.

Literatuurlijst

Alexander, I.F. (2005). A Taxonomy of Stakeholders. Human Roles in System Development. International Journal of Technology and Human Interaction, Vol 1, 1, 2005, pages 23-59.

Bakker, A., Zitter, I., Beausaert, S. & de Bruijn, E. (2016). Tussen opleiding en beroepspraktijk: Het potentieel van boundary crossing. Assen: Koninklijke Van Gorcum BV.

British Council. (2017). 10 trends – Transformative changes in higher education. Geraadpleegd op 1 Juni 2018. https://ei.britishcouncil.org/educationintelligence/10-trends-transformative-changes-higher-education

De Witte, V. (2017). De nieuwe communicatieprofessional. Communicatie als succesfactor voor organisaties. Adfo Books 2017.

Engeström, Y. (2001). Expansive learning at work: towards an activity theoretical reconceptualisation. Journal of Education and Work, 14(1), 133 – 156.

Freeman, R.E. (1984). Strategic Management: A Stakeholder Approach. Marshfield: Pitman Publishing.

Gielen, P.M., Biemans, M., Mulder, M. (2006). Inspirerende Leeromgevingen voor Ondernemers. Aanwijzingen voor ontwerpers en begeleiders. ECS, WUR, Wageningen.

Gielen, P.M., Moerman, P., Bobeldijk, M. (2017). Inspireren voor een leven lang ontwikkelen. Hoe (samenwerking met) beroepsonderwijs er (ook) uit kan zien. Katapult.

Grimble, R. (1998). Stakeholder methodologies in natural resource management. Socioeconomic methodologies, best practices guidelines. Natural Resource Institute. The University of Greenwich.

Jonker, J. (2014). Nieuwe Business Modellen. Doetinchem / Den Haag: Stichting Our Common Future 2.0. Academic Service.

Koster, R.M. (2009). Aangenaam kennismaken. Acht casestudies naar kennisdeling tussen HBO instellingen en MKB bedrijven tijdens stage- en afstudeeropdrachten. Universiteit Twente.

Landelijk Overleg Communicatie Opleidingen (LOCO). (2017). Eindkwalificaties.

Lave, J., Wenger, E. (1991). Situated Learning: Legitimate Peripheral Participation. Cambridge University Press.

Lenning, O.T., Ebbers, L.H. (1999). The Powerful Potential of Learning Communities: Improving Education for the Future. ASHE-ERIC Higher Education Report, Vol. 26, No. 6.

Logeion, (2015). Netwerksamenleving en Be Real maken het vak breder en strategischer. Magazine C, 6, 20-23. Geraadpleegd op 1 Juni 2018. http://www.logeion.nl/l/library/download/urn:uuid:ecbb48b3-3756-4a65-abf0- abeda64b7784/logeion+c%236_lr.pdf

McKinney, J., Mckinney, K. G., Franiuk, R., & Schweitzer, J. (2006). The College Classroom as a Community: Impact on Student Attitudes and Learning. College Teaching, 54:3, 281-284.

Pfortmüller, F., Luchsinger, N. & Mombartz, S. (2017). The Community Canvas Guidebook: The guide to building meaningful communities. CommunityCanvas.

Rotmans, J. (2012). In het oog van de orkaan. Nederland in transitie. Aeneas.

Ruler, B. (2016). Communicatie is een vak. 60 specialismen op een rij. Adfo Groep.

Schroeder, C. C., Mable, P. (1994). Realizing the educational potential of residence halls. Jossey-Bass, Inc.

Stoll, L., Bolam, R., McMahon, A., Wallace, M., & Thomas, S. (2006). Professional Learning Communities: A review of the literature. Journal of Educational Change.

Talbert, J. (2009). Professional Learning Communities at the Crossroads: How Systems Hinder or Engender Change. Second International Handbook of Educational Change, 555-571.

Topsectoren. (2017). Learning communities, 2018-2022 Menselijk kapitaal, de motor voor innovaties, ‘Onderzoeksagenda – Een uitwerking van toekomstige onderzoeksvragen’. Geraadpleegd op 1 Augustus 2018. https://www.topsectoren.nl/human-capital

Unilever. (2000). Communities of Practice Guidelines. (Internal)

van den Toren, J.P., van der Meer, M., Lie, T. (2015) Van eenheid naar verscheidenheid: innovatie, beroepsonderwijs en arbeidsmarkt. Expertisecentrum Beroepsonderwijs.

van den Akker, J., McKenney, S., Nieveen, N. M., & Gravemeijer, K. (2006). Introducing educational design research. Educational design research, 3-7. Routledge.

van der Pijl, P., Lokitz.J, Solomon.L.K, van Lieshout M., van de Pluijm, E. (2016). Ontwerp Betere Business – Nieuwe tools en skills en een frisse mindset voor strategie en innovatie. Vakmedianet.

van der Velde, M., Janssen, P. & Dikkers, J. (2013). Praktijkgericht onderzoek: Opzetten, uitvoeren en rapporteren. Concept uitgeefgroep.

van Rhee, G., Galema, T., Horlings, E., Lankhuizen, M. & Nooij, S. (2006). Echte kanjers verdienen beter. Een analyse van de financiering van de grote onderzoeksfaciliteiten van TNO en de GTIs. RAND Corporation.

Verbiest, E. & Vandenberghe, R. (2002). Professionele leergemeenschappen – een nieuwe kijk op permanente onderwijsvernieuwing en ontwikkeling van leraren. School & Begeleiding.

Verbiest, E., & Timmerman, M. (2008). Professionele Leergemeenschappen: Wat en Waarom? In E. Verbiest (Red.), Scholen duurzaam ontwikkelen.Bouwen aan professionele leergemeenschappen, 41-53. Garant.

Vereniging Hogescholen. (2017). Adviesrapport ‘Learning Communities 2018 – 2021’. Banenmotor innovatieve Topsectoren vergt learning communities, Geraadpleegd op 11 Augustus 2018, https://www.vereniginghogescholen.nl/actueel/actualiteiten/banenmotor-innovatieve-topsectoren-vergt-learning-communities

Vereniging Hogescholen. (2018). Geraadpleegd op 11 Augustus 2018, http://www.vereniginghogescholen.nl

Wallner, C. (2018). Waardecreatie in de Haagse LC Wijkverpleegkunde. Onderwijsinnovatie, Maart 2018. Open Universiteit.

Wenger, E. (1998). Communities of Practice: Learning, Meaning, and Identity. University Press.

WRR. (2013). Naar een lerende economie. Investeren in het verdienvermogen van Nederland. University Press.

Advertenties